Feit en f(r)ictie Literaire Non-fictie in de Lage Landen
nr.111 - december 2004
AUTEURS
Bert BEVERS (°1954) is dichter, vertaler en beeldend kunstenaar. http://www.bertbevers.com/
Henk BOOM (°1945) is journalist en woont en werkt sinds 1987 in Madrid.
Daar is hij correspondent van De Tijd (Antwerpen) en Het Financieele Dagblad
(Amsterdam). Eerder schreef hij boeken over de staatsgreep in Suriname van februari
1981 en reisgidsen over Madrid en Mexico (waar hij meerdere jaren woonde). Medio
2005 komt bij uitgeverij Van Halewyck zijn boek 1506 uit.
Mark BRUYNSEEL (°1952) publiceerde o.m. in De Revisor, Kreatief en De Brakke
Hond, won in 1998 de poëzieprijs van de stad Harelbeke; zijn debuutbundel
Uit de verf van lucht (Lannoo, 2000) werd in 2001 genomineerd voor de Cees Buddingh'prijs.
Cathérine DE KOCK (°1983) studeert Germaanse talen in Gent. Ze publiceerde
in Poëziekrant, Deus ex Machina, Kunsttijdschrift Vlaanderen en Schrijven.
In 2003 verscheen haar debuutbundel .onderkomen . bij Di-Vers, Amsterdam.
Jozua DOUGLAS (°1977) is dichter en freelance tekstschrijver. Eerder werk
van hem verscheen o.a. in Zwart Water en in het internettijdschrift Opkamer.
Daarnaast droeg hij voor op verschillende festivals, waaronder het 32e Poetry
International Festival (2001).
Leo GILLESSEN (°1954) woont in Heuem/St.Vith, Duitstalig België. Hij
studeerde elektronica. Hij is redactielid van Krautgarten en kreeg voor zijn
poëzie in 1993 de literatuurprijs van de Duitstalige Gemeenschap. Een paar
van zijn dichtbundels: Die Tiefe der Freiheit, 1989 (ek); bildwärts wortbrüche
- die spur verlassener worte, 1999 (ek); Verwitterung, Gedichte, 2003 (mit Fotos
von Jürgen Lauer: I) (Shaker); I, Sprüch und Aphorisman, 2004 (mit
12 Zeichnungen von Irene Kohnen).
Ger GROOT (°1954) doceert filosofie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam
en is medewerker voor filosofie en literatuur bij NRC-Handelsblad en De groene
Amsterdammer. Hij levert regelmatig bijdragen aan wijsgerige, literaire en culturele
tijschriften. In 1998 publiceerde hij de bundel gesprekken met filosofen Twee
zielen en in 2003 zijn dissertatie Vier ongemakkelijke filosofen: Nietzsche,
Cioran, Bataille, Derrida (beide bij de SUN).
Kees HENNIPHOF (°1975) is letterkundige en werkt als redacteur/tekstschrijver
in zijn woonplaats Utrecht. Ook is hij redacteur van het Utrechtse Lava Literair
Tijdschrift (zie http://www.lavaliterair.nl/). Henniphof publiceerde niet eerder.
Joke J. HERMSEN (°1961) is schrijver en hoofdredacteur van Boekman, tijdschrift
voor kunst, cultuur en beleid. Haar laatste essaybundel over kunst en filosofie,
Heimwee naar de mens (2003), werd genomineerd voor het beste filosofische boek
van 2003. Binnenkort verschijnt bij de Arbeiderspers haar derde roman De profielschets,
die, bij wijze van uitzondering, voor een deel in academisch-filosofische kringen
speelt.
Hilde KETELEER (°1955) is vertaalster Duits en Frans, journaliste, dichteres.
Recente vertalingen o.a.: hij niet als hij, theaterstuk van Elfriede Jelinek,
1999, met Wim van Gansbeke in opdracht van Het Toneelhuis; De gigolo, Buiklanding,
Kampvuur van Julia Franck, resp. 2001, 2002, 2004, Wereldbibliotheek; Papieren
tijger van Olivier Rolin, met Katelijne De Vuyst, 2003, Meulenhoff ; De laatsten
van Katja Lange-Müller, met Els Snick, 2004, Wereldbibliotheek. Ze vertaalde
Frans- en Duitstalige poëzie voor diverse tijdschriften en anthologieën.
In 2001 verscheen bij De Wereldbibliotheek Al wat winter is en waar, haar poëziedebuut,
en in 2003 bij Le Fram de tweetalige dubbele bundel Twee vrouwen van twee kanten
/ Entre-deux, met de Franstalige Belgische Caroline Lamarche. Haar nieuwste
bundel, Deuren, kwam in 2004 bij de Wereldbibliotheek uit.
Stella LINN (°1961) was van 1987 tot 1990 werkzaam als vertaler bij de
Europese Unie in Brussel. Tussen de bedrijven door reisde zij door Latijns-Amerika,
werkte ze mee aan de Ster- en de Van Dale-woordenboeken Spaans en vertaalde
ze voor diverse tijdschriften en bundels verhalen en gedichten uit het Frans
en het Spaans. Linn is sinds 1990 verbonden aan de afdeling Romaanse talen en
culturen van de Rijksuniversiteit Groningen, waar zij vertaaltheorie en -geschiedenis
en vertalen Frans en Spaans doceert en coördinator is van de minor Vertaalwetenschap.
Ze publiceert regelmatig over o.a. de receptie van vertaalde literatuur.
Geïnspireerd door talrijke in Spanje doorgebrachte vakanties begon Annelies
DE WEERT-VAN GURP pas op latere leeftijd Spaans te studeren. Zij wordt gefascineerd
door Latijns-Amerikaanse en vooral Mexicaanse literatuur en overweegt haar afstudeerscriptie
aan de auteurs van de zg. Crack-generatie te wijden. Ook Petra STREEFLAND-VERZAAL
begon relatief laat aan de studie Spaans, die zij inmiddels bijna heeft afgerond.
Zij heeft zich onder meer verdiept in het werk van Jorge Volpi en heeft zelfstandig
zijn verhaal 'El gato de Schrödinger' (De kat van Schrödinger) vertaald.
Hilke MÜLLER is door haar meertalige achtergrond zeer geïnteresseerd
in vertalen, waarin zij zowel praktische als theoretische colleges heeft gevolgd.
Zij bestudeerde en vertaalde in het kader van de studie Spaans o.a. werk van
Ricardo Chávez Castañeda.
Nicole MONTAGNE (°1961) is beeldend kunstenaar. Zij publiceerde eerder
in De Revisor, Dietsche Warande & Belfort en Het Nieuw Wereldtijdschrift.
In het najaar van 2005 verschijnt van haar een essaybundel bij uitgeverij Vantilt.
Erik RASPOET (°1965) heeft als freelance journalist gewerkt voor weekbladen
als Humo, Knack en Vrij Nederland. Van 1994 tot 1995 verbleef hij in China,
waar hij later voor Canvas een documentaire maakte over Ferrari-miljonairs.
In 2001 publiceerde hij bij Meulenhoff Reizigers in God, een vrijpostig groepsportret
van de missionarissen van Scheut. Tegenwoordig maakt hij reportages en interviews
voor Zeno, de weekendbijlage van De Morgen.
Joris VAN BLADEL (°1966) is slavist en doctor in de letteren en wijsbegeerte.
Hij bereidt een biografie voor van de Russische president Vladimir Poetin, waarin
fictie en non-fictie, waarheid en mythe, elkaar voortdurend beïnvloeden.
Annette VAN DEN BOSCH (°1956) is geboren als schippersdochter in Zaltbommel.
Ze werkt bij de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag aan dichtersprofielen (www.kb.nl/dichters)
en is sinds 2002 actief als redacteur bij het internetmagazine Meander. Haar
dichtbundel Handzaam geaard verscheen in 2002 bij de Utrechtse uitgeverij Digitalis.
In haar woonplaats Zeist is ze voorzitter van de jury van de poetryslam. Haar
website: http://www.annettevandenbosch.nl/.
Leen VAN DEN BROUCKE(°1976) studeerde af als vertaalster Engels en Italiaans
met een scriptie over het vertalen van stijl op de scheidingslijn tussen normaliserend
en exotiserend vertalen, wat haar een lezing bezorgde tijdens een UFSIA-colloquium
over postkoloniale studies. Rolde, na de nodige workshops, de vertaalwereld
in via een wedstrijd die zij won met de vertaling van drie verhalen van Scarpa,
en werkt momenteel aan een zusje voor De tuin der herinnering van Andrea Canobbio
(bij Meulenhoff), ditmaal zonder co-vertaalster Lucie Voskuil.
Nargilah V.H. (°1976) studeerde landbouwkunde en wijsbegeerte te Leuven.
Te Eindhoven werkt hij aan een proefschrift over de filosofie van de techniek.
Eerder publiceerde hij in Deus ex Machina fragmenten uit de nog ongepubliceerde
bundel Gargamesj - gesmokkelte uit de oosterachtertuin. In DWB verscheen het
verhaal 'Eerste keer het getallendal'. Begin 2005 verschijnt er een bijdrage
van zijn hand in de bloemlezing 21 dichters voor de 21ste eeuw (Uitgeverij P
& Poëziecentrum). Voorts is hij bezig aan de roman Herman Genensmid,
een verhaal over een wetenschapper die de oorsprong van de mens wil ontraadselen.
Deze trekt naar Guinee, want, zo schrijft de Dépêche Coloniale
Illustrée van 15 november 1908: 'De chimpansee is allerminst ongevoelig
voor de charmes van inheemse vrouwen.' Verder heeft Nargilah V.H. enkele wetenschappelijke
publicaties op zijn naam staan.
David VAN REYBROUCK (°1971) is schrijver, cultuurhistoricus en archeoloog.
Hij is verbonden aan de Katholieke Universiteit Leuven en publiceert als freelancer
in De Morgen. Zijn debuut De plaag: het stille knagen van schrijvers, termieten
en Zuid-Afrika (Meulenhoff) werd genomineerd voor de Gouden Uil en ontving onder
meer de Debuutprijs. Het verscheen tevens in het Afrikaans. Hij schrijft ook
poëzie en toneelstukken.
Raf VANTUYKOM (°1971) werkt als onderzoeker bij het CTTL (Centrum voor
Taaldidactiek en Toegepaste Linguïstiek) aan het Limburgs Universitair
Centrum. In 1999 bracht hij in samenwerking met Raf Warson de bundel Cantate
Urbis met gedichten en verhalen uit. Alleen of met basklarinettiste Anneleen
Nauwelaerts voert hij onder de vlag De stelling van Calliope poëzie en
verhalen op. Hij is stichtend lid van Le Tigre Unick, een Antwerps kunstenaarscollectief
dat de grenzen van het ondergrondse aftast, en pleegt bij gelegenheid vertaalwerk
van theaterstukken, hoorspelen en poëzie. Zo verscheen bij Uitgeverij Perdu
in 2001 de door hem vertaalde dichtbundel Van de snelle man van Richard Leising.
Voor een literair festival in Amsterdam in maart 2004 vertaalde hij enkele gedichten
van Seyhmus Dagtekin. Enkele van zijn gedichten verschenen onlangs in de publicatie
War on War (Redactie H. Zevenbergen en D. Van Faassen, De Papieren Tijger, 2003)
en in de bloemlezing Antwerpen, de stad in gedichten (Samenstelling P. Hoorne,
Uitgeverij 521, 2003).
Frank WESTERMAN (°1964) studeerde Tropische Cultuurtechniek aan de Landbouwuniversiteit
Wageningen en ging nadien aan de slag als freelance journalist. In 1992 vestigde
hij zich als Volkskrant-correspondent in Belgrado. Over deze tijd publiceerde
hij in 1994 De Brug over de Tara, zijn debuut. Nadien woonde en werkte Westerman
als correspondent van NRC Handelsblad in Moskou, waar hij De Graanrepubliek
(1999), zijn derde non-fictieboek, afrondde. Het boek werd genomineerd voor
de Generale Bank-literatuurprijs en de Gouden Uil en later ook bekroond met
de Dr. L. de Jong-prijs voor eigentijdse geschiedschrijving. Nog meer bijval
oogstte Westerman met De ingenieurs van de ziel (2002), een indrukwekkende studie
die inzoomt op enkele iconen van de sovjetliteratuur en hun betrokkenheid bij
de verdoezeling van enkele mislukte waterbouwkundige prestigeprojecten. Het
boek werd onlangs bekroond met de tweejaarlijkse J. Greshoff-prijs voor het
beste essay. Zopas verscheen Westermans nieuwste non-fictieboek, El Negro en
ik (Atlas).