Ingrid BUDGEN (°1971) woont in Den Haag met haar twee kinderen en is sinds
twee jaar fulltime moeder en huisvrouw. Daarvoor werkte ze lang in de psychiatrie.
Ze schrijft poëzie in het Engels en het Nederlands. Ze publiceerde niet
eerder, behalve op het internet.
Hans CLAUS (°1962), licentiaat in de criminologie, is gevangenisdirecteur.
Hij is een artistiek-creatieve duizendpoot: schilder, beeldhouwer en schrijver-performer.
Naast wetenschappelijke artikelen schreef hij tot nu toe drie verhalenbundels
en twee romans. Literaire teksten van hem verschenen in o.a. Nieuw Wereldtijdschrift,
De Brakke Hond en Gierik. Poëtisch werk werd genomineerd
voor de Poëzieprijs Halle 2000.
Guy DIERCKX (°1958) is graficus, educatief assistent, saxofonist en vader
van drie kinderen. Begon drie jaar geleden met het schrijven van poëzie.
Publiceerde een vijftiental gedichten in Tekst/tekst (2002-2003). Discografie:
Hondsdagen, 2001 (URaK, i.s.m. Mario Conjaerts), Typhaeus, 2002
(URaK) Wat-er waar is, 2003 (i.s.m. Broom).
Peter DOMS (°1958) is licentiaat in de rechten, licentiaat in de criminologie
en postgegradueerde in de financiële wetenschappen (allemaal K.U.L.). Hij
werkt bij een bank in Brussel en publiceerde begin jaren zestig een aantal wetenschappelijke
artikels in de tijdschriften Panopticon, Kultuurleven en Streven
(o.a. over Amnesty International, buitengerechtelijke executies, Roger van de
Velde) en in diezelfde periode verhalen en gedichten in Yang en het toen
pas opgerichte De Brakke Hond en daarna niets meer.
Serge VAN DUIJNHOVEN (°1970) is schrijver, dichter en historicus. Woonachtig
te Brussel, geboren in Oss (Noord-Brabant). Oprichter van tijdboek MillenniuM
en de Stichting Kunstgroep Lage Landen. Verbleef als verslaggever in Bosnië.
Debuteerde in 1993 met de dichtbundel Het paleis van de slaap (Prometheus).
Frontman van het muziekgezelschap Dichters dansen niet. Recente publicaties:
{Balkan}Wij noemen het rozen (Podium), Fotografen in tijden van oorlog
(Ludion), Obiit in orbit; aan het andere einde van de nacht (De Bezige
Bij), Bloedtest (De Bezige Bij) en Ossensia Brabantse gezangen (Museum
Jan Cunen).
Jan GEERTS (°1972) is migrant in Borgerhout. Hij publiceerde gedichten
in Deus ex Machina, De Brakke Hond, Kunsttijdschrift Vlaanderen,
Gierik & NVT. Zijn bundel Tijdverdriet en andere seizoenen verscheen
in 2004 bij uitgeverij P in Leuven.
Michaël HAUSPIE (°1980) studeerde japanologie aan de Universiteit
Gent. Voor zijn licentiaatsverhandeling schetste hij leven en werk van de auteur
Tanizaki Jun'ichiro (1886-1965) en maakte een vertaling van Tanizaki's korte
verhalen Sannin Hoshi (Drie Monniken) en Aru shonen no osore (De
angsten van een jongen).
Luk VAN HAUTE (°1963) studeerde Japanse literatuur aan de Universiteit
van Tokio en werkte enige tijd voor een filmproductiemaatschappij in Japan.
Hij doceerde aan de Hogeschool Gent en de Universiteit Gent, behaalde zijn doctoraat
met een dissertatie over het vroege werk van Nobelprijswinnaar Oe Kenzaburo
en vertaalde ook diens novellen Seventeen & Homo sexualis.
Hij is auteur van het boek Revival van de Japanse film (2002) en tal
van artikels over de Japanse cultuur en samenleving.
Arthur HEMMINGA (°1974) woont in Hoogwoud (Noord-Holland). Hij studeerde
aan het Max-Planck-Institut für Biologie in Tübingen, maar ging niet
in op het aanbod om daar als onderzoeker werkzaam te blijven en keerde terug
naar Nederland. Hij schrijft sinds zijn tiende levensjaar, maar publiceerde
tot dusver alleen in marginale tijdschriften als Drentz en Vis.
In zijn vrije tijd werkt hij aan een roman over zijn jaren in Duitsland, aan
een verhalenbundel en ook nog aan het boek De avonturen van koning Nanak
(die zich in weerwil van de exotische naam allemaal afspelen in Hoogwoud).
Ruth LASTERS (°1979) won in april 2000 de VUB-poëzieprijs en publiceerde
sindsdien gedichten en verhalen in Gierik & NVT, Ché,
Deus ex Machina. In 2003 werd haar verhaal 'Liften en Giraffen' opgenomen
in Mooie Jonge Honden (Van Halewyck). Ze is op zoek naar een uitgever.
Dirk LEYMAN (°1965) studeerde politicologie en literatuur- en theaterwetenschappen
aan de Universiteit van Gent en is werkzaam als eindredacteur. Hij schrijft
over literaire onderwerpen en over de asiel- en migratiethematiek. Hij was co-samensteller
van Gent, de dubbelzinnige, deel 7 in de Oog in 't Zeil-Stedenreeks (Bas
Lubberhuizen, 2000). Onlangs verscheen het door hem samengestelde literaire
stedenboek Nice, muze van azuur (Bas Lubberhuizen, 2004). Hij recenseert
Nederlandse en Franse literatuur voor de krant De Morgen.
Kris LAUWERYS (°1972) is germanist en vertaler. Hij is assistent Nederlands
aan de Université de Mons-Hainaut en vertaalde fragmenten uit het werk
van Felix Hartlaub, Gaétan Soucy, Naïm Kattan, Antonin Artaud, Judith
Kuckart en Michael Lentz.
Bennie MOUS (°1982) studeert filosofie en literatuurwetenschappen. Gedichten
en proza van zijn hand verschenen in Ballustrada, Passionate en
De Brakke Hond. Hij woont momenteel in Rotterdam.
Ivo SMITS (°1965) doceert Japanse literatuur en film aan de Universiteit
Leiden. Recentelijk vertaalde hij poëzie van Tawada Yoko voor Poetry International.
Dick STEGEWERNS (°1966) doceert moderne Japanse geschiedenis en internationale
betrekkingen aan Osaka Sangyo University. Zijn recente publicaties behandelen
de intellectuele geschiedenis van het vooroorlogse Japan en de Japanse film.
Daan STRINGER (°1971) is dichteres. Zij publiceerde o.a. in Begane Grond
en Lust & Gratie en schreef voor Zij aan Zij en de Amigoe.
Verder werkte ze altijd voor non-profitorganisaties, zoals het Amsterdamse LETSysteem
Noppes.
Renz TAVERNE (°1981) studeerde in 2003 af aan de Universiteit Gent als
licentiaat in de japanologie en schreef zijn scriptie over de oorlogsliteratuur
van Hino Ashihei in het licht van propaganda en censuur (1931-1945). Afgelopen
academiejaar werkte hij als assistent japanologie aan de Universiteit Gent.
Ksaf VANDEPUTTE (°1952) is psychotherapeut, maagd, boogschutter en laatbloeier.
Hij wordt postuum herdacht via honderden liefdesgedichten in de archieven van
de vriendinnen. Ongeregeld leven en publicatie van gedichten, verhaaltjes en
cursiefjes in diverse tijdschriften. Mystieke verschijning van het essay De
verborgen zijde van de man bij Van Halewyck in 2001. De roman Hemelvaart
wacht nog altijd op een visionaire uitgever. Ksaf zelf bevalt intussen van de
roman Dagboek van een speeljongen.